Muskuskruid SL. 0010
Adoxa moschatellina L. Familie Adoxaceae.
Diagnostische kenmerken Grondstandige bladen lang gesteeld, stengelbladen korter gesteeld. Bloemen goenachtig, 5-7 bijeen in een eindelings, bijna dobbelsteenvormig hoofdje; de eindbloem met 2-spletige kelk en 4-spletige bloemkroon, de zijbloemen met 3-spletige kelk en 5-spletige bloemkroon. Meeldraden in de eindbloem 4, tot aan de voet 2-delig en daardoor schijnbaar 8, in de zijbloemen 5, eveneens tweedelig en daardoor schijnbaar 10. Vruchtbeginsel halfonderstandig, 3-5-hokkig, met 1 zaadknop per hok. Stijlen 3-5. Vrucht een steenvrucht met 3-5 stenen.
Hoogte bloeiende plant 0,05-0,15 m. Bloeitijd April-mei. Levensvorm Geofyt.
Standplaats Op vochtige, matig voedselrijke, humeuze grond in loofbossen, aan beekoevers en in beschaduwde bermen.
Zeldzaamheid en verspreiding Vrij algemeen in het Zuidlimburgs district, vrij zeldzaam in het Subcentreuroop district; elders zeldzaam; in het Waddendistrict alleen op Texel, ontbreekt in de Hafdistricten en de IJsselmeerpolders. KFK 676.
Deze soort wordt in de Sleutel uitgesleuteld op de volgende pagina('s): Pagina 1349: Adoxaceae - Muskuskruidfamilie Pagina 1690 |