Opm. De taxonomie van het geslacht is zeer ingewikkeld. Dit is voornamelijk het gevolg van de wijze van voortplanting; deze vindt plaats door agamospermie. Dit is een asexuele wijze van voortplanting via zaden waarbij individuen ontstaan uit onbevruchte eicellen. Uit deze eicellen ontstaan asexuele afstammingslijnen, zogenaamde klonen. Klonen of mengsels van klonen die morfologisch onderscheidbaar zijn van andere, worden in de taxonomische literatuur van Taraxacum als microsoorten aangeduid. In ons land zijn er tenminste 250 microsoorten vastgesteld. Vele van deze microsoorten vertonen onderling zeer grote overeenkomsten waardoor ze alleen voor specialisten te onderscheiden zijn; hiervoor wordt verwezen naar de speciale literatuur. Bij Taraxacum officinale komen ook sexuele individuen voor in de beekdalen van het Heuvelland district en op zuidhellingen op rivierduinen en -dijken in het Fluviatiel district. Deze individuen bevinden zich aan de noordgrens van een sexueel verspreidingsgebied van Taraxacum officinale, dat het centrum in M.- en Z.-Europa heeft. Omdat agamosperme microsoorten kunnen kruisen met sexuele individuen (soorten?) kunnen hybridenzwermen verwacht worden.
Rijk Plantae Klasse Magnoliopsida Onderklasse Magnoliidae Superorde Asteriflorae Orde Asterales Familie Asteraceae Subfamily Lactucoideae Tribus Lactuceae Genus Taraxacum