Trosbosbes RH. 5155
Volledige wetenschappelijke naam: Vaccinium corymbosum L.
Diagnostische kenmerken: Tot 4 m hoge struiken. Bladen 4-8 cm lang, elliptisch tot eirond, spits, van boven donkergroen, van onderen lichter, meestal gaafrandig, soms gezaagd, nerven van boven behaard, van onderen kaal of behaard. Bloemen in okselstandige of eindelingse, samengestelde trossen. Bloemkroon cilindrisch tot kroesvormig, wit, soms iets roze. Helmknoppen zonder hoorntjes op de rug. Bes blauwzwart, maar lichtblauw door een waslaagje, 1-2,5 cm in diameter, met kleurloos sap, zoet, eetbaar.
Mei-juli. Fanerofyt, Chamaefyt.
Standplaats: Op natte tot vochtige, zure grond op heiden, in bossen en langs vennen.
Zeldzaamheid en verspreiding: Zeldzaam in het Drents district, zeer zeldzaam elders in het Pleistoceen district. In cultuur om de bessen, vooral in het noorden; verwilderd en plaatselijk ingeburgerd.
Europees areaal: Buiten areaal, 010000. Oorspronkelijk uit N.-Amerika.
Dit is de pagina in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 1002 |