Fenegriek BB. 1838
Volledige wetenschappelijke naam: Trigonella foenum-graecum L.
Diagnostische kenmerken: Bloemen alleenstaand of 2 bijeen, bijna zittend, 12-18 mm lang, geelachtig-wit en aan de voet vaak paars aangelopen, zelden geheel paarsachtig. Kelk buisvormig, 6-8 mm lang. Vrucht lijnvormig, iets gebogen, plat, tot ca. 10 cm lang, met een 1-4 cm lange, priemvormige snavel; zaden 10-20, vierkantig. Plant stijf rechtopstaand, met rechtopstaande zijtakken; na het drogen sterk riekend.
Zeldzaamheid en verspreiding: Adventief.
Europees areaal: M.- en Z.-Europa.
Dit is de pagina in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 527 |