Waterpunge RH. 1135
Volledige wetenschappelijke naam: Samolus valerandi L.
Diagnostische kenmerken: Plant kaal. Bladen omgekeerd eirond, gaafrandig, iets vlezig, verspreid, de onderste in een rozet. Bloemen in eindelingse trossen; bloemsteeltjes geknikt en in de knik met een steelblaadje. Bloemkroon wit, ongeveer 2 maal zo lang als de kelk.
0,05-0,50. Juni-herfst. Hemikryptofyt, Helofyt (meestal monocarp).
Standplaats: Op open, natte, matig voedselrijke of brakke grond in duinvalleien, laagveenmoerassen, aan greppelranden en op drassige kapvlakten.
Zeldzaamheid en verspreiding: Plaatselijk vrij algemeen in het Maritiem-, Duin- en Hafdistrict, en langs het IJsselmeer; zeldzaam in het Subcentreuroop district, elders zeer zeldzaam.
Ecologische groepen: P23, bP20.
Plantensociologische groepen: Veg.: 6Ac4. WdH: 6Aa2.
Europees areaal: Centraal, 044+34.
Opm. Niet-bloeiende rozetten lijken op die van Bellis perennis | Madeliefje; deze heeft echter gekartelde, behaarde bladen.
Dit zijn de pagina's in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 795 Pagina 999 |