Grote waterranonkel RH. 1055
Volledige wetenschappelijke naam: Ranunculus peltatus Schrank
Diagnostische kenmerken t.o.v. Ranunculus aquatilis: Vruchtstelen zelden korter dan 5 cm. Kroonbladen 12-30 mm lang, zelden korter. Drijvende bladen vaak aanwezig. 'Overgangsbladen', indien aanwezig, met in draadvormige slippen uitlopende lobben of die bij de middelste lob ontbrekend, deze gekarteld. Honinggroef op de plaat der kroonbladen meestal langer dan breed, soms halvemaanvormig.
0,10-3,00. Mei-aug. Hydrofyt.
Standplaats: In zoet, stilstaand tot vrij snel stromend, ondiep, voedselarm tot matig voedselrijk water.
Zeldzaamheid en verspreiding: Vrij algemeen in het Pleistoceen en aangrenzend Fluviatiel district, elders zeer zeldzaam.
Ecologische groepen: W17.
Plantensociologische groepen: Veg.: 5Ca. WdH: 5Bc5.
Europees areaal: Centraal, 343+12.
Opm. De volgende variëteiten kunnen worden onderscheiden: - De lager aan de stengel geplaatste ondergedoken bladen korter dan de stengelleden. Vruchtjes behaard. Drijvende bladen bijna altijd aanwezig. Vooral in stilstaand water:-> Ranunculus peltatus var. peltatus - BB. 2405
De lager geplaatste ondergedoken bladen even lang als of veel langer dan de stengelleden. Vruchtjes kaal of behaard. Drijvende bladen al of niet aanwezig, indien aanwezig meestal met aan de top draadvormig versmalde slippen. Vooral in stromend water. [Gorteria 11: 92 - Ranunculus penicillatus (Dum.) Bab.; Ranunculus pseudofluitans (Syme) Baker & Foggitt]:-> Ranunculus peltatus var. heterophyllus (Coss. & Germ.) Meijden -BB. 2416
Opm. Soms vindt men planten die niet scherp van Ranunculus aquatilis (s.l.) te onderscheiden zijn.
Dit zijn de pagina's in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 450 Pagina 455 |