Moseik BB. 5122
Volledige wetenschappelijke naam: Quercus cerris L.
Diagnostische kenmerken: Napjes met lange, stijve, afstaande borstels bezet. Steunblaadjes blijvend. Twijgen kort behaard, later soms verkalend. Bladen kort gesteeld, bij de verschillende cultivars zeer sterk in vorm verschillend, ondiep gelobd of diep veerspletig, met kort genaalde slippen, van boven donkergroen en iets ruw, van onderen kort behaard of grijsviltig. Vruchten het tweede jaar rijpend.
Tot 20,00. Mei. Fanerofyt.
Zeldzaamheid en verspreiding: Sierboom; hier en daar in parken en op buitenplaatsen aangeplant.
Europees areaal: ZO.-Europa en W.-Azië.
Dit is de pagina in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 2208: gen. Quercus |