Borstelgras RH. 0857
Volledige wetenschappelijke naam: Nardus stricta L.
Diagnostische kenmerken: Plant in dichte pollen groeiend. Stengels rechtopstaand, bij de voet met 1 knoop. Bladen borstelvormig, grijsgroen, stijf, schuin afstaand. Bloeiwijze aarvormig, 3-8 cm lang, groen of paarsachtig. Aartjes eerst tegen de as gedrukt, later schuin afstaand, in 2 rijen aan 1 zijde van de as geplaatst. Onderste kelkkafje met brede voet met de aaras vergroeid, niet afvallend, ca. 1 mm lang; bovenste kelkkafje kleiner of meestal afwezig. Lemma 5-9 mm lang, met 2 of 3 gekielde nerven, aan de top met een 1-3 mm lange kafnaald. Palea iets korter dan de lemma.
0,10-0,40. Mei-juni. Hemikryptofyt.
Standplaats: Op droge, zure grond aan heidepaden en in lage graslanden.
Zeldzaamheid en verspreiding: Vrij zeldzaam in het Pleistoceen en Waddendistrict; zeer zeldzaam in het Heuvelland en Laagveendistrict.
Ecologische groepen: G41, G42, G61, G62.
Plantensociologische groepen: WdH: 29Aa; 30Aa.
Europees areaal: Centraal, 344221.
Dit zijn de pagina's in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 1720 Pagina 1907 |