Wilde narcis RH. 0856
Rode Lijst 1
Volledige wetenschappelijke naam: Narcissus pseudonarcissus subsp. pseudonarcissus Zie soort: Narcissus pseudonarcissus
Diagnostische kenmerken: Bloemen knikkend tot recht afstaand, met lichtgele bloemdekslippen en heldergele bijkroon; deze naar boven weinig verwijd. Bloemsteel 3-12 mm lang. Begint iets vroeger te bloeien dan de volgende ondersoort.
0,15-0,30. Maart-mei. Geofyt.
Standplaats: Op natte, matig voedselrijke grond in beekdalgraslanden en in lichte loofbossen.
Zeldzaamheid en verspreiding: Zeer zeldzaam in het Heuvelland district; in het zuidwestelijk Drents district alleen nog in boerentuinen. Elders alleen als stinsenplant.
Opm. De verspreidingskaart toont zowel wilde als verwilderde of ingeburgerde planten.
Ecologische groepen: G27, G47, H47.
Plantensociologische groepen: WdH: 30Aa; 37Aa2.
Europees areaal: Subcentraal, 03100+.
Dit is de pagina in de Sleutel waar deze ondersoort wordt uitgesleuteld: Pagina 36: Narcissus pseudonarcissus |