Drienerfmuur RH. 0830
Volledige wetenschappelijke naam: Moehringia trinervia (L.) Clairv.
Diagnostische kenmerken: Stengel liggend of opstijgend, rondom behaard. Bladen eirond, spits, 3(-5)-nervig, de onderste gesteeld. Kelkbladen lancetvormig, spits. Kroonbladen korter dan de kelk, wit.
0,15-0,30. Mei-herfst. Therofyt.
Standplaats: Op droge, matig voedselarme grond in loofbossen en onder struweel.
Zeldzaamheid en verspreiding: Algemeen in het Heuvelland, Pleistoceen, Fluviatiel en Renodunaal district, elders zeldzaam.
Ecologische groepen: H62, H63.
Plantensociologische groepen: WdH: 34; 38.
Europees areaal: Centraal, 144432.
Dit is de pagina in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 880 |