Hulst RH. 0658
Volledige wetenschappelijke naam: Ilex aquifolium L.
Diagnostische kenmerken: Bladen elliptisch tot eirond, doornachtig getand en vaak met golvende rand, of gaafrandig en vlak, glanzig, leerachtig, 3-7 cm lang. Bloemen in kluwens in de bladoksels, 4- of 5-tallig; bloemkroon wit. Vrucht 4- of 5-stenig, rood, soms geel.
Tot 10,00. Mei-juni, vrij vaak ook herfst. Fanerofyt.
Standplaats: Op vochtige, matig voedselrijke zand- en leemgrond in loofbossen en op oude houtwallen.
Zeldzaamheid en verspreiding: Vrij algemeen in het Pleistoceen en Renodunaal district, elders zeer zeldzaam. Ook veel in cultuur als sierheester.
Ecologische groepen: H42.
Plantensociologische groepen: WdH: 34Aa1; 37Aa2.
Europees areaal: Centraal, 041012.
Dit is de pagina in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 2282 |