Gewoon sneeuwklokje RH. 0538
Volledige wetenschappelijke naam: Galanthus nivalis L.
Diagnostische kenmerken: Jonge bladen vlak, volwassen bladen 3-10 mm breed. Binnenste bloemdekslippen aan de buitenzijde alleen aan de top met een halvemaanvormige groene, zelden gele vlek, verder wit.
0,07-0,20. Febr.-maart(-april). Geofyt.
Standplaats: Op beschaduwde, grazige grond.
Zeldzaamheid en verspreiding: Vrij algemeen, steeds oorspronkelijk verwilderd. Veel als tuinplant in cultuur.
Ecologische groepen: H47.
Plantensociologische groepen: WdH: 38Aa.
Europees areaal: Buiten areaal, 012121. Oorspronkelijk uit M.- en ZO.-Europa en Klein-Azië.
Opm. In stinsenmilieus kunnen verscheidene andere soorten van dit geslacht worden aangetroffen [P.A. Bakker & E. Boeve, Stinzenplanten. (1985): 66]: Galanthus elwesii Hook.f. - BB. 1624, Galanthus caucasicus - Baker 5238 en Galanthus ikariae - Baker BB. 5239.
Dit is de pagina in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 32 |