Groene bermzegge RH. 1611
Rode Lijst 1
Volledige wetenschappelijke naam: Carex divulsa Stokes
Diagnostische kenmerken t.o.v. Carex muricata en Carex spicata: Wand van het urntje niet verdikt in de onderste helft. Tongetje niet langer dan breed. Bloeiwijze 3-10(-20) cm lang, de onderste 2-4 aren minstens 1 cm van elkaar verwijderd. Urntjes aan de voet wigvormig tot versmald, 3,5-5 (-5,5) mm lang. Kafjes witachtig of bleek bruingroen. Bladen 2-5 mm breed.
0,30-1,00. Hemikryptofyt.
Standplaats: Op vrij vochtige, matig voedselrijke, kalkhoudende grond aan loofbosranden, in struweel, in bermen van holle wegen.
Zeldzaamheid en verspreiding: Zeldzaam in het Heuvelland district; recent zeer zeldzaam in het Laagveendistrict.
Ecologische groepen: H47.
Plantensociologische groepen: WdH: 34Ab4.
Europees areaal: Marginaal, 034123.
Opm. Men onderscheidt de volgende ondersoorten: - Afstand tussen de onderste 3 of 4 aren groter dan de lengte van die aren. Bloeiwijze 5-10(-20) cm lang, onderaan meestal met 1 zijtak. Urntjes schuin rechtopstaand, 3,5- 4(-4,5) mm lang. Bladen 2-3 mm breed. Mei-juni(-aug.), begint later te bloeien dan de volgende. [Atlas van de Nederlandse Flora 1: 72]:-> Carex divulsa subsp. divulsa - BB. 0227
- Afstand tussen de onderste 3 aren niet groter dan de lengte van die aren. Bloeiwijze 3-5(-8) cm lang, onderaan onvertakt. Urntjes wijd afstaand, 4-5(-5,5) mm lang. Bladen 3-4(-5) mm breed. Mei-juni. [Atlas van de Nederlandse Flora 1: 76 Carex polyphylla Kar. & Kir.; Carex leersiana Rauschert; Carex leersii (Kneuck.) F.W.Schultz]:-> Carex divulsa subsp. leersii (Kneuck.) W.Koch - BB. 0252
Dit is de pagina in de Sleutel waar deze soort wordt uitgesleuteld: Pagina 1681 |