Startpagina | Zoeken | Soort identificeren | Taxonomische boom doorbladeren | Quiz | Over deze website | Geef uw mening

Lagenorhynchus acutus (Gray, 1828)

Nederlandse naam:
Witflankdolfijn

Beschrijving:
Witflankdolfijnen hebben een lichaam dat typisch is voor het geslacht Lagenorhynchus: gedrongen met een korte dikke snuit en lang sikkelvormige rugvin.

Het kleurenpatroon is complex. De rug en bovenkant van de flanken, bovenste kaak, rugvin, borstvinnen en staartvin zijn zwart of donkergrijs; een donkere lijn loop van de bek tot om het oog. De onderkaak en buik, tot de genitaliëen, zijn wit. Daar tussen zijn de flanken, vanaf het oog tot de onderkant van de staartvin, lichtgrijs. Langs de bovenrand van de grijze kant is een witte vlek, van onder de staartvin tot halverwege de rug. Er loop ook een dunne band, deze okerkleurig, bij de onderste rand van de dondere bovenflank, van het midden van de rug tot vlak bij de staartvin.

Elke rij tanden bevat 30 tot 40 puntige tanden.

De soort kan verward worden met de witsnuitdolfijn, Lagenorhynchus albirostris, dat een bijna identiek verspreidingsgebied heeft. De twee soorten kunnen van elkaar onderscheiden worden aan de hand van de kleurpatronen.

Een volwassen witflankdolfijn kan 2.8 m (mannetjes) of 2.5 m (vrouwtjes) lang worden en maximaal 235 (mannetjes) of 182 kg (vrouwtjes) wegen. Pasgeboren witflankdolfijnen zijn 1.1 tot 1.2 m in lengte.

Kuddes van honderden exemplaren zijn waargenomen. Oudere onvolwassen komen meestal niet voor in voorplantenden kuddes van volwassen vrouwtjes en jongen. Kalveren worden in de zomer geboren, voornamelijk in juni en juli. Witflankdolfijnen komen veel voor langs de kust van Noord-Amerika.

Witflankdolfijnen zijn actief en acrobatisch. Veel van wat we van deze soort afweten komt van onderzoek van exemplaren die massaal aan wal gespoeld zijn.

Deze witflankdolfijn eet kleine schoolvormende vissen en inkvissen. Vaak zoeken ze naar voedsel in de nabijheid van grote walvissen.

Vroeger werd er op deze soort gejaagd, vooral in Noorwegen. In Groenland, de Faeröer en oostelijk Canada vindt nog steeds jacht plaats. De dolfijn komt ook per ongeluk in visnetten terecht.

IUCN-status: niet genoeg informatie beschikbaar.

Verspreiding en leefgebied:
Witflankdolfijnen komen voor in het noordelijke deel van de Atlantische Oceaan, in koud gematigde streken en de poolstreek, van New England in het westen tot Frankrijk in het westen, en noordelijk tot zuidelijk Groenland, IJsland en zuidelijk Noorwegen. Ze komen zelden voor in de Baltische Zee. Ze prefereren de diepe wateren van het buitenste continentaalplateau en -helling.

Witflankdolfijn (Lagenorhynchus acutus)